maandag 15 juni 2015

Sucade en andere kleverigheid -1-

Ingezonden


Citaat 30 mei j.l.: ,,Vanmorgen 'even' naar Deventer gereden".
Bij de naam Deventer moet ik opeens weer denken aan een grappig woordspelletje voor de klein/kinderen: ,,Een jong etje zat in de ge van genis en at de vent er koek met su ca dé". 

In deze reactie gaat het echter niet over koek uit Deventer maar over de rit erheen en terug, volgens het verslag van Willem, maar nu eerst even wat anders. Hier op de camping, aan de rand van het bos, zag ik vanuit de voortent van onze caravan een vreemd vogeltje druk in de weer rondom de stam van een hoge sparrenboom. Het beestje was blijkbaar op zoek naar insecten onder de grillig gevormde schorsdelen van de boom en klauterde daarbij behendig en doelbewust op en neer. Links- of rechtsom rond de boom, recht omhoog of ondersteboven omlaag; het maakte niets uit. Zodra hij een geschikt plekje heeft gevonden bleef hij daar een tijdje hangen. Het bleek een boom-klever te zijn en dat is hééél wat anders dan een bumper-klever waar Willem zich zo aan ergerde. Boomklevers weten n.l. heel goed waar ze mee bezig zijn en vallen nooit uit de boom. Bumperklevers vallen ook niet uit de boom maar wel uit de tóón vanwege hun ergerlijke manier van rijden. Het zijn (wereld)-vreemde 'vogels' want ze bewegen zich ook vaak van links naar rechts en andersom, op zoek naar 1 meter extra ruimte voor zichzelf en zodra ze een geschikt plekje hebben gevonden blijven ze daar een tijdje hangen. Een tijdje, .... want als de voorganger uit veiligheid een beetje teveel ruimte, naar zijn/haar zin, laat ontstaan en op de baan rechts net even iets sneller wordt gereden gaan ze, als de gelegenheid zich voordoet, naar rechts en even later 'gewoon!' weer naar links; voorbij de "trage voorganger" van zo-even. Haast!, haast!, haast!, is het motto van deze ongeduldige verkeersdeelnemers. Het bij ver van tevoren aangekondigde wegversmallingen op het aller-, allerlaatste moment inhalen, nog nét vóór het eindigen van de invoegstroken, en daar invoegen, is weliswaar wettelijk toegestaan maar ik erger mij meestal mateloos aan deze z.g. slimme (egoïstische) rijders; ,,het mág, dus ikke-ikke doe het lekker ook!". ,,Oké, ze móeten de ruimte krijgen maar het is meer een kwestie van afdwingen. Ook het
gebruik van de met schuine, witte strepen gearceerde zone daarna is voor deze lieden geen enkel probleem. Ze wurmen zich daarbij rakelings voor je langs in de rij en jij moet maar zien hoe een aanrijding te voorkomen. Bumperklevers zijn levensgevaarlijke, ongeleide projectielen met het verstand op nul en de blik op oneindig want ze gedragen zich als een rijtje goederenwagons achter een locomotief; althans ze dénken dat te kúnnen. Echter, een goederenwagon weet dat hem/haar niets overkomt als de locomotief plotseling gaat afremmen, zelfs al vormen ze een sliert van 25 wagons, maar met een rij bumperklevers kan er heel snel van alles misgaan. In dit verband klopt de opmerking van Willem niet helemaal, in het citaat: ... ,,Er volgde een soort domino-effect van rode lichten die alsmaar sneller achter elkaar aan gingen" ... Was dat maar waar, dat alsmaar sneller. Nee, in zo'n rijtje haast en sukkelt men zich domweg voort, er van uitgaand dat iedereen gewoon zó dóór blijft rijden. Maar, áls de voorste auto plotseling gaat remmen duurt het, vanwege de reactietijd van elke rijder, geruime tijd eer b.v. nummer 10 pas begint met remmen want niet iedereen kan de remlichten van de allereerst remmende auto waarnemen. 

Fan-tilator