Toen we afgelopen zaterdag door Leiderdorp fietsten (wat een weertje!) miste ik het oude vertrouwde viaductje achter de Algemene Begraafplaats. Via dat viaductje, waar de A4 overheen gaat, liepen we als kwajongens in de jaren 50 soms naar die oude bunker. Zodra we het viaduct onderlangs gepasseerd hadden, liepen we tegen een typisch boerenhek aan, van het weiland waar de bunker stond.
Onze sluiproute (we gingen stiekem op pad, want de bunker was verboden gebied voor ons) liep vaak parallel achter de A4 langs naar het noorden. We passeerden dan een grote plas die later jachthaven is geworden. Onder dat viaduct gingen we ook vissen als het regende. De doorgang bestond voor de helft uit een rijbaan. De andere helft was water, dat door een betonnen bak werd geleid. We stonden weliswaar droog, maar als we niet opletten dan stonden we tot aan onze enkels in het regenwater. Dat stroomde naar het diepste punt in dat weggetje. Inclusief de bijbehorende modder. 's Winters was daar een overdekte, kleine ijsbaan. Op de zomeravonden was dat viaduct bezet door stelletjes, die daar eh.... elkaar warm hielden. Net als in die bunker.
Inmiddels heb ik vernomen, dat dat bouwwerkje gesloopt is. Zo'n 7 jaar eerder al! Ik heb in 2008 daar nog foto's gemaakt (gelukkig maar) van dat viaduct. Sindsdien ben ik niet meer daar in de buurt geweest. Het viaduct heeft plaats gemaakt voor een loop- / fietsbrug. Over die brug zijn we gefietst om op het pad langs de begraafplaats te komen.
Soms zijn ze vrij volledig en soms beperkt tot een paar woorden. Ik heb het over mijn jeugdherinneringen aan Leiderdorp. Veel van die korte flitsen heb ik later kunnen uitbouwen tot zo goed als complete verhalen. In de meeste gevallen zijn ze mij verteld. Later ben ik het internet gaan gebruiken om via mail enz. bij voormalig klasgenoten en/of vrienden navraag te doen of antwoorden op een andere manier te zoeken.
Dit keer ben ik op zoek gegaan naar het verhaal rond een moord, die in mijn geboortedorp gepleegd is in de jaren 50. In mijn kindergeheugen bleef het bij "een moord in het dorp", waar nogal geheimzinnig overgedaan werd. In mijn beleving zat ik toen nog niet op de 'grote' school of net wel. Het was in die periode dat het over een moord in ons dorp gonsde. Over de 'moord in het dorp' vond ik na enig speurwerk het volgende :
"Op de laatste dag van de maand juli van 1954 (dus) is in Leiderdorp een oude vrouw vermoord aangetroffen in haar woning aan de Hoofdstraat - Jaagpad. Dat was op een zaterdagochtend. Een buurvrouw had het slachtoffer na half acht 's morgens nog gegroet. Ongeveer een halfuur later kwam een jongeman haar de opgehaalde huur brengen. Omdat hij achterom geen gehoor kreeg, liep hij naar de voorkant van het huis. Daar zag hij een briefje op het raam met de tekst "Afwezig tot 15 augustus" en een neergelaten gordijn. Omdat hij zich daarover verbaasde informeerde hij een familielid, dorpsbakker De Bruijn. Diens vrouw haastte zich direct naar de woning, omdat ze het een vreemd verhaal vond. Het neergelaten gordijn en het briefje waren voor haar redenen om direct de politie te waarschuwen.
De politie trof de 75-jarige bewoonster liggend op de vloer van de huiskamer aan. Ze was met een Lodalinefles op het hoofd geslagen en vertoonde steekwonden in de hals.
Het onderzoek naar de laffe moord werd geleid door de commandant van de Rijkspolitie te Leiderdorp, de adjudant E. Kronenburg. Nog voor de begrafenis van de weduwe wist de politie, op basis van aangetroffen vingerafdrukken op de deur, een 37-jarige man op te pakken die niet ver van het huis van het slachtoffer woonde. Hij stond in het dorp niet goed aangeschreven. Zijn vingerafdrukken waren hem bij eerdere aanhoudingen afgenomen. Hoewel de verdachte eerst ontkende en zelfs anderen beschuldigden, kwam hij uiteindelijk toch met een bekentenis.
Hij kwam tot zijn daad vanwege geldgebrek. "Ik vond het een vriendelijk mens en ik dacht dat ze wel geld zou hebben", was de simpele verklaring van de dader voor de rechter. Hij was goed op de hoogte van de leefwijze van de weduwe, die ten tijde van de moord gewoontegetrouw de Bijbel zat te lezen. De achterdeur was open vanwege de komst van de huuropbrengsten. De dader is onopgemerkt naar binnen geslopen en heeft de weduwe met een fles een paar klappen op het hoofd gegeven. Daarna heeft hij het eerder geschreven briefje op het raam gehangen en het gordijn neergelaten.
Toen het slachtoffer tijdens zijn zoektocht naar geld weer bijkwam, raakte hij in paniek en heeft hij haar een paar keer in de hals gestoken. De dader ging met nog geen 100 gulden weer weg. Haar portemonnee met de eerder die week opgehaalde huurgelden bevond zich nog in de woning. De rechtbank veroordeelde de dader tot 15 jaar gevangenisstraf en een onvoorwaardelijke terbeschikkingstelling van de regering (tbs)."
Het verhaal onderschrijft mijn herinnering voor wat betreft de tijdsperiode. Een moord in het dorp is zodoende voor mij van een los stukje geheugen in een kop van een verhaal veranderd.
Het nieuws bracht vanmorgen het bericht dat Nederland (niet Holland) na het jaar 2015 op de 5e plaats staat van de minst corrupte landen. Nederland stond daarvoor op de 8ste plaats. Natuurlijk vroeg ik me af, wat men onder corruptie verstaat. Viel onder de onderzochte criteria ook vriendjespolitiek en politieke correctheid? Ik weet zeker van niet. Anders was ons land niet zo hoog geëindigd.
Wat ik jammer vind, is dat het nieuws niet even meldt waar landen als Oekraïne en Griekenland zich op de ranglijst bevinden. En andere landen, die onlangs lid geworden zijn of willen toetreden tot de EU. Dat zou ik interessant vinden. Waarschijnlijk worden ook die niet vermeld, vanwege politieke correctheid. Hoezo vrije nieuwsgaring? Griekenland is op de lijst van 2015hetmeest corrupte land van de EU. Oekraïne bungelt ergens onderin (130) en behoort tot de meest corrupte landen. Als ik als criterium voor toelating tot de EU op 'binnen de top 50' zou hanteren, dan vallen veel landen alsnog af.
Hongarije valt er dan nog net binnen, maar landen als Turkije, Griekenland, Roemenië, Italië, Bulgarije, Servië, Bosnië Herzegovina, Albanië, Kosovo, Moldavië zouden geen schijn van kans maken.
Landen die van mij beter hun best zouden moeten doen zijn o.a. Duitsland, Luxemburg, Frankrijk(!), Portugal, Polen en Spanje. Italië moet gewoon uit de EU gezet worden.
De lijst geeft wat mij betreft ook een indicatie in hoeverre het verantwoord is landen van geld te voorzien voor zaken zoals ontwikkelings- en vluchtelingenhulp. Vandaar dat ik bar weinig vertrouwen heb in o.a. een juiste besteding van de Turkse EU miljarden en het geld dat naar Afrikaanse landen gaat (Marokko, ook erg corrupt). Tot slot geeft de lijst ook aan wat migranten gewend zijn in hun eigen land. Wat dat betreft is Syrië net zo erg corrupt als Oekraïne.
Een lezer maakte mij erop attent dat ik ten onrechte ons land Holland noem. Hij/zij is niet de eerste. Het zette mij wel (weer) aan het denken. Waarom heb ik het meestal over Holland en erg weinig over Nederland? De eerste benaming stamt nog uit de tijd dat de Hollandse provincies de boventoon voerden. Da's nogal lang geleden. En toch, als ik in het buitenland ben hanteer ik nauwelijks de officiële vertaling van Nederland. Het is een mond vol "The Netherlands, Die Niederlande, Les Pay Bas." Dan ben ik met Holland snel klaar. Letterlijk en soms figuurlijk. Het lastige is soms dat wanneer ik het heb over The Netherlands, mijn buitenlandse gesprekspartners vaak na het woord Dutch opeens in Duitsland zijn beland. In het Frans heeft men het ondanks les Pays Bas over les Hollandais en in mindere mate over een woord dat ook niet direct gelieerd is aan les Pays Bas : les Néerlandais. Of bestaat Les Pays Bastards? Zo niet, bij deze het woord van 2017.
Tijdens vakanties in Duitsland hebben Duitsers het over die Holländer. Op de Duitse tv zenders heeft men het vaker over die Niederlande. Het woord Holland zit overal in onze taal ingebakken. Zoals in 'op z'n Hollands', Hollandse kaas, koeien, Nieuwe (haring mag ook), pot, zuinigheid enz. tot aan Hollands glorie toe. Vervang daar maar eens het woord Hollands door Nederlands. Geen gehoor! Althans, voor mij dan.
Voor mij geeft de naam Nederland en daarvan afgeleide woorden een meer officieel tintje. Zoals bij sportevenementen : "2nd place, silver medal, The Netherlands!" Ondanks het feit dat op de tribunes landgenoten gedurende het hele toernooi "Hup Holland!" geschreeuwd hebben.
Nederland, Laagland, Nederigland, klinkt minder opwekkend dan het meer vrolijke Holland, Hoi-land. Een gevoelskwestie, lijkt mij.
Holland heette oorspronkelijk Holtland. Het was zo'n 1000 jaar geleden een bosrijk gebied in de regio van Leiden. Ik weet niet in hoeverre de benaming van het Leidse Hout daarvan een overblijfsel is. Zelf ben ik in de provincie Zuid-Holland geboren en getogen. Leiderdorp, Leiden, Zoetermeer en Schoonhoven zijn woonplaatsen geweest in het Zuid Hollandse. Misschien ligt daar ook een deel van de oorzaak waarom ik het over Holland en Hollanders heb. Het kan ook zijn omdat ik me nauwelijks verbonden voel met dit land en omdat ik in mijn jeugd te vaak geroepen en gedacht heb : "Stomme Hollanders!", in situaties waarin ik me niet zo prettig voelde. Die deden zich overigens niet alleen in de kustprovincies voor, maar in heel Nederland minus Limburg.
Holland of Nederland? Ik denk dat het Holland(s) bij mij ook zo ingebakken zit. O ja, de foto's zijn voor mij ook typisch Hollands, al bevinden zich de tulpenvelden in de Flevopolder.
Na het overlijden van mijn opa, David Oudshoorn, raakte zijn toenmalige weduwe (Tante Griet, ze was zijn tweede vrouw) bevriend met een Leidenaar op leeftijd. Opa Marks, zoals wij hem noemden, was een vitale, aimabele en ietwat eigenwijze man die ondanks zijn hoge leeftijd (85+) nog autoreed. Opa was de opa van mijn broer Joop zijn eerste vrouw.
Volgens opa betaalde hij jaarlijks ruim 700 gulden aan de keurende arts, om het roze papiertje te kunnen behouden. Opa reed in een Fiat 500.
Samen met mijn tante hebben ze veel kilometers gemaakt. Samen, dat gold ook voor het rijden. Tante gaf instructies in de vorm van rechtdoor, links, rechts. Want opa was daar niet zo goed in. Ze gingen vaak ergens badminton spelen in de buurt van de Wassenaarse Slag en hadden dan veel bekijks.
Hoewel opa geregeld riep dat ie al meer dan 60 jaar zijn rijbewijs had en chauffeur was geweest, maakte hij nogal wat fouten. Zo had hij de gewoonte om eerst een kruispunt op te rijden, halverwege te stoppen en dan pas te kijken. Zo gebeurde het dat ie vervolgens achteruit reed om voorrang te verlenen. Dat ging niet altijd zonder schade, want vooraf in de spiegels kijken was er niet bij. Op die manier reed hij een keer op de kruising Hoogmadeseweg - Acacialaan zijn Fiatje total loss toen hij weer zonder kijken achteruit reed. Maar niet getreurd, opa kocht een nieuwe Mini. Het wrak van zijn Fiatje was trouwens opeens verdwenen.
tante Griet met haar vriend
Opa had ook zo zijn eigen ideeën ontwikkeld over de verkeersregels, die bij hem niet ter discussie stonden. Hij had immers erg veel rijervaring. Als het verkeerslicht voor rechtdoor op rood stond, veranderde hij van voorsorteervak om vervolgens door het groene licht van rechts- of linksaf rechtdoor te rijden. Hij had daar een paar keer flinke bonje over met een agent, die hem voor die actie een keer bekeurde. Want groen is groen en die agenten waren dom.
Opa en tante kwamen een keer vanuit Leiderdorp bij ons in Zoetermeer op bezoek. Ze kwamen aanzienlijk later aan dan aangekondigd. De reden : mist onderweg. Opa vertelde over de heenreis, die zeer moeizaam verliep. In Zoetermeer vroegen zij een agent de weg naar het Savelsbos waar wij toen woonden. Die man zei : na honderd meter links af en dan rechts. Maar door de mist misten ze de afslag. Ze reden door. Gelukkig was daar weer een agent. Toen opa het raampje had opengedraaid zei die agent : "Zo opa, bent u daar weer!" Opa reed namelijk op de rondweg.
Toen het stel later weer vertrok, liep ik mee naar buiten. Toen viel het mij op dat de ramen van de Mini flink beslagen waren. Ik adviseerde opa de ramen eerst te zemen. Waarop opa verbaasd riep : "Gôh, we dachten de hele weg dat het mistte! Hebben we voor niets vanmorgen de hele route niet harder dan 50 gereden...."
De eerste de beste winterperiode had opa van de achteruit het ijs geslagen. Ja, geslagen, afgaande op de deukjes en krassen op de carrosserie. Opa's uitleg : "Ik dacht dat het raam groter was..." Het tweetal beleefde veel plezier aan de uitstapjes. Maar na bijna 10 jaar pret kwam er abrupt een eind aan.
In de maand mei 1983 kwam opa om bij een verkeersongeval. Hij was ( als enige inzittende) met zijn Mini als gewoonlijk eerst de kruising van de voorrangsweg, de Persant Snoepweg in Leiderdorp, opgereden. Helaas kwam er een vrachtwagen aan, die over zijn Mini heen reed. Opa overleed ter plaatse. Hij was toen 92 jaar.
Wandelend door Leiden kwamen we ook langs dat enorme pand waar de V&D inclusief La Place gehuisvest is/was. We hebben beiden aan die vestiging herinneringen. Sonja heeft daar ooit gewerkt als verkoopster. Zelf neusde ik vooral in de jaren 60 daar wat rond in de bakken met grammofoonplaten. In de voorafgaande jaren kwam ik er soms met mijn moeder. Dan keek ik altijd even naar de musicerende 'apenbende' in het trappenhuis tussen de begane grond en de eerste etage.
Later, in de jaren 80, overkwam mij daar iets vervelends. Sonja was even iets gaan kopen op de afdeling serviesgoed, terwijl ik met de kids in het halletje aan de achterzijde (foto-Aalmarkt) stond te wachten. Opeens kwam een soort hippie door de klapdeuren aangerend, die als een haas naar buiten vloog. Ik keek hem nog na, toen hij linksaf de Aalmarkt opstoof. Het alarm vlak naast mij ging af. Ik dacht gelijk : "Hé, winkeldief!"
Wat later kwam een meneer van de bewaking aangelopen. Hij liep direct naar mij toe en commandeerde : "Doe die tas maar open!" Ik probeerde hem aan zijn (blijkbaar beperkte) verstand te brengen, dat de dief al naar buiten gerend was en dat deze echt niet hier in de hal op hem stond te wachten.
Maar daar had meneer geen boodschap aan. Ook omstanders / getuigen die mijn betoog ondersteunden werden door de beveiligingsman genegeerd. En dus begon meneer in onze boodschappentas te graaien en doorzocht de wandelwagen. Hij vond niets wat bij V&D vandaan zou kunnen komen, maar vond het desondanks niet nodig zijn excuses aan te bieden. Omstanders maakten hun misnoegen kenbaar over het gedrag van meneer en wezen hem er herhaaldelijk op, dat de dief naar buiten gerend was. Pas toen stapte hij naar buiten om te controleren of de dief soms daar alsnog op hem gewacht zou hebben.
en God laat het ook afweten. Dat is tenminste wat ik nogal eens hoor zeggen. Ik gooi zo'n uitspraak in dezelfde doos waar ook 'God is dood' en 'Het moest zo zijn' liggen. Soms doen mensen alsof God alles regelt of het is alsof ze zelf niets in te brengen hebben in hun eigen leven.
Zelf ga ik uit van een leven vol lessen. Telkens weer is er een test, die ik moet (mee)maken. En dan denk ik maar zo : tijdens een test houdt de leraar zich afzijdig en zijn mond dicht.
Ergens was het te verwachten, dat het onderzoek naar lekkende politici tot niets zou leiden. Ze houden elkaar immers de hand boven het hoofd. Men zwijgt omwille van een gouden toekomst via een fors overbetaalde loopbaan bij de EU. Vandaar ook dat men zo gedwee achter Brussel aanrent. De doofpot staat in menig politiek hok paraat, als een prullenbak in een normale werkomgeving.
Het plotselinge afscheid van D66 Kamerlid mevrouw Hachchi (niet verkouden hoor) is ook in nevelen gehuld. Meneer Pechtold voelt zich in de steek gelaten. Pluspuntje : Weet ie ook hoe zijn kiezers zich voelen. Mevrouw Hachchi beweert, dat ze voor presidentskandidaat Clinton is gaan werken. Maar in het Clinton kamp weet men hoegenaamd van niets.
Het gebeuren doet me denken aan de toestanden rond dr Schadée, je weet wel die ruimtevaartdeskundige, die heel Nederland inclusief Apollo Henkie (Terlingen) eind jaren 60 voor de gek hield. Die beweerde ook in het grote Amerika te zijn, maar zat thuis in eigen land met Henkie te bellen, terwijl hij allerlei vreemde geluiden produceerde. Zo deed Schadee voorkomen alsof ie in Houston zat. Totdat Apollo Henkie verontrust riep : "Houston, we have a problem!" Toen bleek niemand daar Schadée te kennen.
Het is een piepklein zaakje aan de Haarlemmerstraat in Leiden. Daar worden de loempia's verkocht met verwijzing naar meneer Fu. Die maakte en verkocht decennia lang de lokaal zeer beroemde, overheerlijk loempia's op de markt achter V&D. Mijn oma heeft ook nog een steentje bijgedragen in zijn keuken. Maar opeens was ie verdwenen. Op een 3 Oktoberdag in 2014 hebben we nog tevergeefs naar zijn loempia's gezocht en kwamen zelfs in de Merenwijk terecht. Maar geen meneer Fu en helemaal geen loempia's. Onlangs kreeg ik een berichtje met een adres aan de Haarlemmerstraat. Daar zouden die loempia's weer verkocht worden.
In de overigens zeer druk bezochte zaak zelf, zie ik geen mensen achter de balie met een Aziatisch
in de jaren 50
uiterlijk. In de koelvitrine wel een keur aan loempia's. O.a. gevuld met kool, kip en vlees.
We namen negen ongebakken loempia's mee. We hoefden zodoende niet achter in de wachtende rij aan te sluiten.
Weer thuisgekomen, hebben we een paar van de steenkoude loempia's in het hete frituurvet gedompeld. En toen was het na jaren van gemis, proeven geblazen! Of beter eerst geblazen en toen geproefd. We kwamen tot de volgende conclusies :
- het formaat was kleiner (2/3) dan we gewend waren en de prijs aanzienlijk hoger dan verwacht. Zeker voor koude (meeneem) exemplaren. Er pasten twee naast elkaar in het frituurmandje;
- de kool was heel erg fijn gesneden en er zat geen vlees in verwerkt. Dus 100% kool. We vonden hem ook niet bijzonder smaken. We vermoeden dat de kool niet bereid was met kruiden(?).
- de vleesloempia had veel weg van een shoarma-rol. Louter fijn gemalen vlees. Geen groente. De smaak was ook niet bepaald Aziatisch.
Kortom, een tegenvaller. In een loempia hoort sowieso groenten te zitten. Dat die groenten vervangen zijn door enkel kool of taugé is oké. Maar waar waren het vlees (varken of kip) en vooral de Oosterse kruiden gebleven? We vragen ons af wie er in de keuken die loempia's maakt? Of heeft de eigenaar alleen de naam Fu gekocht en niet diens recepten? Of zijn er fouten gemaakt bij het overschrijven van de recepten? We denken niet dat de kok een Chinees is. Al zag ik wel een label in de nek van een (Europees uitziende) medewerker waarop "Made in Hongkong" stond. Maar ja, dat had betrekking op zijn kleding. Misschien kunnen de eigenaren eens een Chinese of Indonesische kok inzetten of raadplegen.
In ons land komen ze er telkens weer weg mee : de notoire drinkers die keer op keer met alcohol achter het stuur kruipen en een bedreiging vormen voor anderen. In Texas doet een rechter dat anders. Ik vind zijn motivatie erg sterk.
Gisteren reden wij na zeer lange tijd weer eens over de A6 richting Amsterdam. Ter hoogte van Muiden zagen we hoe daar aan de verbreding en verbeteringen van de A6 wordt gewerkt. Een immens groot project. Ik kan me nog herinneren dat er vragen waren over het nut van hiermee gemoeide investeringen. Uit onderzoek was gebleken, dat de toename van de verkeersdrukte van en naar Almere erg meeviel. Op die A6 rijden sommigen als gekken, wat de snelweg geregeld als 'gevaarlijk' kwalificeert. Maar aan de weg mankeert niets, het zijn sommige bestuurders. Daar waar de maximum snelheid 100 is, wordt veel sneller gereden. Dat niet alleen, de onderlinge afstand is soms niet meer dan hooguit vijf meter. Het aantal verkeershufters neemt toe naarmate we Diemen naderen. Dus besloten we via de A9 door Zuid Oost te rijden, richting Schiphol. Daar viel mij op, dat het gedrag van de automobilisten een stuk rustiger is. Al zagen we wel een paar keer bestuurders vanaf de linkerbaan met een zwaai vlak voor andere auto;s langs net op tijd een afslag nemen. Ja, we zijn in de Randstad. Na de Schipholtunnel heeft een aantal weggebruikers de gewoonte om stug links te blijven rijden. Ze doen dat vanwege de komende splitsing tussen de A4 en de A44. Maar ja, die ligt nog een flink aantal kilometers verderop. Zonder verdere bijzonderheden parkeerden we de Matrix in mijn geboortedorp. We pakten de fietsen van de drager, deden de drager in de auto en peddelden richting de Spanjaardsbrug.
Het was stralend weer met een heerlijk zonnetje. Het leek verdorie wel voorjaar! Niet gek voor de januari. Er stond ook een aardig windje, maar dat mocht de fietspret niet drukken. Weer viel het ons op hoe smal en bijna claustrofobisch de Lage Rijndijk geworden is. Het is daar eenrichtingsverkeer richting de singels en bijna te smal voor auto's. Ook voor fietsers op de iele fietsstroken. Een ander opvallend iets : geregeld hondenpoep op de stoep. We reden onder de Zijlpoort door en besloten de fietsen bij het Havenplein, vlak voor het eerste deel van de Haarlemmerstraat te parkeren. Aan flinke fietssloten, want we zijn in de Randstad. We hebben daarom ook bewust geen fietstassen meegenomen. In het verleden zijn we een keer op zoek geweest naar de loempiakraam van meneer Fu. Ik had daar toen een berichtje over geschreven. Vorige maand kreeg ik een tip uit Leiden. Op de Haarlemmerstraat zou men de loempia's van Fu kunnen kopen! Het eerste deel van de straat, tot aan de Pelikaanstraat, lijkt uitgestorven ondanks dat het een zaterdag is. Als we de P'straat overgestoken zijn, wordt het opeens drukker. En...... we zien tegenover de sportwinkel van Wout Berger een opvallend bord staan! We zijn zowaar bij het loempiawinkeltje beland!
We besluiten eerst een wandeling door Leiden te maken. Die oude gezellige stad blijft trekken. Op de terugweg doet Sonja wat inkopen bij Fu. Kool-, vlees-, en kiploempia's! Daarna wandelen we weer naar onze fietsen, die er zowaar nog staan. Omdat ik nodig moest, wilde ik gebruikmaken van een openbaar toilet. Dat was een verkeerd idee. Afgezien van de enorme stank, vindt men het in Leiden blijkbaar gewoon om daar ook de grote boodschap te doen. Ophouden dan maar.
We laden de loempia's in (we hadden een afneembare fietstas meegenomen) en fietsen vervolgens richting Leiderdorp.
Nadat we over de Spanjaardsbrug gereden zijn en Leiden achter ons gelaten hebben, fietsen we rechtdoor over de MP Splinterlaan. Even wat nostalgie opsnuiven. We zien een leeg hoekpand, dat wat verpauperd overkomt. Bij het kruispunt met de Dijkgravenlaan, maak ik wat foto's voor voormalig klasgenoot Max, die al jaren in Australië woont. Hij kan nu zien dat er voor hun voormalig huis, nr 10, een enorm groot saai gebouw is neergezet; een typisch stadsuitzicht. Misschien had Max een voorgevoel en is hij daarom geëmigreerd. We vervolgen de weg langs de Rijn tegenover het Waardeiland naar het oude dorp. Over de Hoofdstraat rijdend maak ik nog wat foto's van die kant van de Koningstraat, waar links en rechts op de hoek zich respectievelijk kruidenier Braam en Zuivelhandel Jansen zich ooit bevonden. Voor de Gereformeerde kerk zie ik links een fietspad liggen. Een splinternieuw straatnaambordje meldt B.G. Cortspad. Het is wennen die naam, na zoveel jaren B.G. Cortslaan. Het nieuwe fietspad loopt parallel aan de deels onzichtbaar geworden snelweg A4. We besluiten dat nieuwe fietspad te nemen, dat naar de noordkant van het dorp loopt. Onderweg vraag ik aan een passant of we via dat pad naar het nieuwe Weteringpark kunnen fietsen. Mevrouw geeft ons helder tekst en uitleg : "Het is recht toe recht aan, langs de jachthaven, dan komt u in het park." De Mauritssingel oogt wat benauwd. Of zijn we zo gewend geraakt aan de ruimte in Flevoland? We steken vlug over. Als we de jachthaven passeren, moet ik even terugdenken aan de tijd dat ik daar met mijn broertje Ruud ging vissen. Wat nu een haven is, was in die tijd een grote plas. We stonden dan uren lang tot onze knieën in het water naar onze dobbers te turen. Als we weer even op de kant gingen staan, schraapten we de bloedzuigers van onze benen, deden weer wat aas aan de haak en stapten weer het water in. Haha! Na een clubgebouw van de scouting, zien we een groot gebied in aanleg. Het ziet er nogal moerasachtig uit; veel water / ijsvlaktes afgewisseld door droge stukken grond. Er staat ook een aantal molens, waaronder de Munnikenmolen, die ooit bij de entree van het dorp heeft gestaan. Zoals ie er nu bij staat lijkt het alsof ie gestraft is; verbannen naar een desolaat gebied. En dan zien we het silhouet van de bunker! Ik kijk automatisch richting de snelweg, want ik mis een tunneltje dat onder de A4 liep. Het lag aan het eind van het pad langs de begraafplaats. We besluiten naar de bunker te rijden. Maar zover kwamen we niet. Het betonnen mastodont lag achterin een stuk sompig grasland. We stappen af en ploeteren (daar gaan mijn schoenen!) naar de restanten van een deels weggezakt stukje herinnering aan de Tweede Wereldoorlog. Daar aangekomen maken we wat foto's. Van de (zuidelijke) ingang die we ooit als kinderen gebruikten is nog net de bovenkant zichtbaar. Zittend op een betonnen restant genoot ik van het uitzicht. Vanwege de veranderingen in het landschap, ben ik wat gedesoriënteerd. In de verte zie ik de contouren van twee kerken. In gedachte loop ik de route vanaf de woning aan de Resedastraat 74a naar mijn plek op de bunker. Het viaduct dat naar het houten hek dat toegang gaf naar het weiland van De Graaf waar de bunker stond, blijf ik missen. Ik realiseer me, dat we vroeger aardig wat afstanden hebben gelopen. Maar ja, dat heb je in een tijd dat je geen fiets had.
Tja, je zult wel moeten, want je hebt ook gratis een nieuwe fiets gekregen. Oké, er zijn er ook die de fiets direct weer verkopen en van het geld een oude aanschaffen. Of niets. Misschien is een herkenbare asielfiets een optie. Zo'een als die van de Postcodeloterij.
Zij niet alleen, ook haar man en kinderen hebben allemaal een nieuwe fiets gekregen. Ik zie ze geregeld langs rijden en lopen. De mannen gaat het fietsen vrij goed af. Met de dames is het een ander verhaal. Vanmiddag zag ik moeder met de jongste (een meisje) achterop voor de tweede keer frontaal met haar fiets tegen de schutting botsen.
Om onduidelijke redenen blijft ze rechtdoor sturen, terwijl ze een korte bocht naar links en vervolgens naar rechts moet maken, om bij de achtertuin te komen. Alsof ze op dat moment geen controle meer heeft over haar beide armen en benen. Ook de benen weigeren namelijk dienst, want remmen is er ook niet bij. Boem!!
Gelukkig valt ze ook dit keer niet. Ze kijkt wel wat geschrokken om zich heen. Ook in de situaties waarin ze recht voor ons huis op de fiets stapt of afstapt, lukt het haar telkens weer om net niet om te vallen. Ik heb nog niet gezien, dat haar man haar hielp. Die kijkt soms toe, maar rijdt meestal door. Tja, ze moet het fietsen nog leren, al vraag ik me af hoe het haar op de weg, in het verkeer, vergaat. Niet dat ze slingerend rijdt, maar vanwege haar onzekerheid en het feit dat ze het fietsen nog niet helemaal onder controle heeft.
Haar buurman mopperde tegen mij, dat overal in huis van de Syrische vluchtelingen het licht brandt en de achterdeur vaak openstaat. 'Dat krijg je als het gratis is', sloot hij zuchtend af. Zelf zien we er niet zoveel van. We zien wel dat het licht op zolder vaak heel lang brandt. Ook als ze allen op de fiets gestapt zijn. Maar wie weet komt dat allemaal nog wel.
Wouter Bos dacht : "Wat Willem kan, kan ik ook'. En dus schreef ook hij een stukje over politieke correctheid. In de Volkskrant van gisteren.
Wat mij direct opviel was zijn primaire gedachte toen hij over de gebeurtenissen in Keulen hoorde. Linkse Wouter maakte zich primair niet ongerust over de slachtoffers of over de goede naam van overige vluchtelingen, maar over ..... Geert Wilders.
Want wat schreef Wouter Bos : " het begon ermee dat ik dacht : "o nee, nu krijgt Wilders gelijk!" Wouter had zich namelijk wild geïrriteerd aan Geerts uitspraken.
Met die primaire gedachte, aan de persoon Wilders dus, geeft Bos aan hoe hij en politici en ambtenaren in het algemeen denken en reageren. Het gaat er niet om wat er gezegd wordt, maar wie het zegt. En dan kunnen uitspraken, hoe waar en goed bedoeld ze ook mogen zijn, totaal verkeerd vallen. Wat een armoe. Ik heb zijn column wel helemaal gelezen. En bleef bij mijn : wat een armoe!