woensdag 5 november 2014

Onbegrip is ook goed

Soms vind ik het jammer dat ik niet begrepen word. Meestal niet, hoor. Vaak is het namelijk zo, dat je pas met iemand echt kunt meevoelen en hem begrijpen, als je het zelfde hebt meegemaakt. En als het dan om nare zaken gaat, is het beter dat ze me niet goed begrijpen. Dan denk ik : "Die narigheid hebben ze gelukkig zelf niet meegemaakt."
Het is anderen moeilijk uit te leggen wat het voor mij betekent om mijn beide broers verloren te hebben. Zelfs aan mijn eigen familie. Natuurlijk zijn het ook hun broers, vaders, echtgenoten enz. En toch.
Ik ben een groot deel van mezelf kwijtgeraakt. Dat hebben ze meegenomen, denk ik dan maar. Ze moeten daar aan de andere kant toch ook iets van mij hebben. Net zoals ik ook iets van hen hier heb.
Al eerder schreef ik over mijn zoektocht naar mijn nieuwe plek binnen de rest van de familie. Erover lezen (o.a. Broederloos alleen) en naar bijeenkomsten gaan heeft niet echt geholpen. Ik heb mijn eigen situatie wel beter leren begrijpen. Maar een oplossing voor dat rare, lege gevoel is er volgens mij niet. Mijn leven lijkt sindsdien op een haast zinloze reis, met nogal wat hindernissen. Opgeworpen door onwetendheid van mensen. Ik neem het hen niet kwalijk. Ik maak een reis naar de horizon, zo lijkt het. Naar iets wat onbereikbaar is.
Toch kom ik onderweg best wel  leuke mensen en dingen tegen. En dan kan ik toch ook wel weer genieten. Maar hoe ik het ook wend of keer, het is niet meer zoals het ooit is geweest.

Een paar Ikan (vis) recepten

Uit het Groot Nieuw Volledig Oost-Indisch Kookboek (1925) een tweetal pagina's met recepten bereid met vis. Selamat makan!

Flight MH17 -2-


Als ik de nieuwsberichten (inclusief de buitenlandse) lees over de ramp met vlucht MH-17, dan krijg ik steeds meer het gevoel misleid te worden door vooral de westerse media en overheden inclusief onze eigen overheid. De berichtgeving is erg afwijkend ten opzichte van die uit Rusland (o.a. Pravda) en een aantal andere landen als het gaat om de mogelijke oorzaak van de crash. Ik heb mijn visie al weer bijgesteld.
Op tv beelden en foto's zag ik brokstukken die doorzeefd leken. Net kogelgaten. In een buitenlands nieuwsbericht las ik over die gaten. Het waren duidelijk inslagen van buitenaf. Ik concludeer dat uit de vorm van de gaten. Het is natuurlijk ook opvallend dat de EU vrij snel Rusland de schuld gaf. Er was nog niet eens een onderzoek gedaan.
Alles draait om Oekraïne, waarvan een deel van de bevolking pro EU en een ander deel pro Rusland is. Beide groepen willen wel graag gas van Rusland blijven ontvangen. Maar dan gratis, want betalen wil men niet. Ook de EU wil gas blijven ontvangen via Oekraïne. Ik zeg : "Laat ze hun interne onenigheid even zelf uitzoeken", maar de westerse wereld en ook de EU wil hoe dan ook Oekraïne naar zich toetrekken. Desnoods met minachting voor de slachtoffers en nabestaanden van vlucht MH-17. Veel mensen, inclusief het buitenland beklagen zich over de manier waarop ons land het onderzoek uitvoert. Er wordt ook gesuggereerd dat het vliegtuig moedwillig is neergehaald vanwege de HIV /AIDS deskundigen die zich aan boord bevonden.
Ingezonden brieven hierover worden door de media hier geweigerd.
Al met al is het een schande dat er nog steeds stoffelijke resten en bezittingen op de rampplek liggen. Vooral ook omdat bepaalde personen (waaronder een Nederlands burger) en andere instanties wel 'zomaar' op die plek kunnen komen. Het zwart maken van de pro Rusland separatisten hoort blijkbaar ook bij het westers 'onderzoek'. Over de moord- en martelpartijen van het Oekraïense leger lezen we hier niets. Konvooien uit Rusland worden steevast aan een militair ingrijpen gelieerd. In werkelijkheid zijn het konvooien met hulpgoederen. Maar geen westers land wil dat controleren.
Rutte vond het belangrijk om acte de présence te geven tijdens de Winterspelen in Rusland. Dat was nodig om met Poetin on speaking terms te blijven. Dar is nu niets van gebleken. Ik vraag me af in hoeverre het onderzoek naar de ramp echt op de eerste plaats staat. Ik ben bang dat dat niet het geval is. Volgens anderen gaat het om Oekraïne, de EU en de Navo met als vijand Rusland. Politiek dus.

Mistige start van een mooie dag

Vanmorgen heb ik me verslapen! Ik werd pas tegen 8 uur wakker. En toch, toen ik dat tijdstip in rode cijfers gepresenteerd zag, moest ik even lachen. Ik ben nu eenmaal een ochtendmens.
Via de badkamer ben ik met Fenna naar buiten gegaan. Het was erg mistig en zowaar koud. Wandelend met Fenna realiseerde ik me dat het echt herfst is. Fenna heeft voor wat haar gedrag buiten betreft , trekjes van een reu. Ze snuffelt constant en markeert om de haverklap plekjes. Soms ruikt ze een veldmuis of een mol. Dan begint ze opeens als een gek te graven. 's Morgens poept ze twee keer. De eerste keer is de hoofdmacht. Daarna komt een restantje.
Terwijl Fenna met haar neus over de grond loopt, kijk ik om me heen en geniet van de herfstachtige omgeving.
Op de terugweg zie ik een buurtbewoonster buiten staan. Het is de vrouw van het stel waarvan de cv het gisteravond niet deed. Ze biedt mij haar excuses aan voor 'het onbeschofte gedrag van mijn dochter', zo zei ze. Ik stelde haar gerust : 'Uw dochter heeft een probleem. Wij niet.' Ze is blij dat ik niet boos ben.
Vandaag gaat ze op stap. Ik wens haar een fijne dag toe. Ze pakt mijn hand vast, buigt naar me toe en zegt : "Ik ben zo blij dat jullie hier zijn komen wonen." Het toeval wilde dat toen ik daarna goed om me heen keek, de mist was opgetrokken. Het wordt weer een mooie dag, mensen!

Ik ben Waaks!

Gisteravond hebben we een presentatie bijgewoond van het project Waaks! Toen we De Meerpaal binnenkwamen konden we kiezen uit Waaks! en Ali B. Het werd dus Waaks! in de zaal ernaast.
Het project heeft tot doel de veiligheid in Dronten te bewaken en vergroten door goed op te letten tijdens het uitlaten van honden. Toen ik de eerste keer ervan hoorde, had ik niet veel belangstelling. Ik bedoel : ik let meestal goed op. En ik weet nog van de slogan : die pet past iedereen. Die slogan kreeg door de jaren heen een heel andere lading. Maar anderhalve week geleden, gaf een vreemd voorval mij de doorslag om toch te gaan.
Op een namiddag zag ik een jongeman met capuchon over zijn hoofd en een blikje drank in zijn hand voor ons huis op het pleintje staan. Hij keek nogal opvallend rond. Ik had hem niet eerder gezien. Ik liep naar het raam en keek nadrukkelijk naar hem. Toen hij mij zag staan, draaide hij zich resoluut om en ging uit mijn gezichtsveld bij een muur staan. Ik zag af en toe een deel van zijn arm. Omdat hij ter hoogte van het raam van oma stond ben ik naar buiten gegaan. Zodra hij mij zag rende hij hard weg. Oké, misschien schrok ie gewoon van mijn uiterlijk want moeders mooiste ben ik niet. Hoe dan ook, een vreemde snuiter met dito gedrag. Oma had hem bij haar naar binnen zien kijken en vond hem er griezelig uitzien. Dus ik besloot alsnog naar de info-avond van Waaks! te gaan.

Het was een zinvolle en leerzame avond, waarin de genodigden (zo goed als volle zaal!) tekst en uitleg kregen over Waaks! Na een introductie van de burgemeester, werd het project nader toegelicht door iemand van de politie. En natuurlijk bevond zich onder het publiek iemand die dacht politieagent te zijn
geworden. Dat kwam misschien door de penning die uitgereikt werd. Maar het betrof geen politiepenning, maar een voor honden. Dus hij is voor Fenna.
Ik maakte voor het eerst de burgemeester van Dronten, Aat de Jonge, van dichtbij mee. Een sympathieke, humoristische man.Hij maakte de grap die ik net eerder in gedachte deed. Hij vroeg namelijk aan de zaal : "Ik neem aan dat iedereen hondenbelasting betaalt?" Haha!
Aan het eind van de avond werd een aantal paraplu's verloot. In de zaal naast de onze, waar Ali B optrad, is het al die tijd opvallend stil gebleven. Geen gelach, geen zang of muziek, maar ook geen gehuil. En vooral dat laatste is belangrijk.

dinsdag 4 november 2014

Help, een bitch!

Vanavond werd ik gebeld of ik even naar een cv ketel wilde komen kijken. De verwarming deed het namelijk niet. We hadden net de boerenkool met worst achter de kiezen. Het toetje moest even in de wacht, want de oudjes gaan voor.
Als ik op de plaats delict ben aangekomen, zie ik een foutcode op het display staan. Ik herkende de ketel, want zo een hadden we in Lelystad ook. Dat splinternieuwe ding sprong ook soms spontaan in de fout.
Dus even de stekker eruit en na tien seconden er weer in. De ketel begint eerst met het automatisch ontluchten. Dat proces duurt ongeveer 15 minuten. Toen verscheen GOOD op het schermpje. Gelijk sloeg de pomp aan. Ik voelde aan de leiding en merkte dat ie warm werd. Klus geklaard!
Net voordat ik weer naar beneden wilde gaan, zag ik iets opvallends bij de ketel. Een roestige kleur en watervlekken! Een lek dus. Vreemd dat de monteur dat een maand of wat geleden niet gezien heeft. Maar misschien staat ie liever niet gebukt.
Toen ik weer beneden kwam met goed nieuws ging de bel. Een van de kinderen stond voor de deur. Ze was gebeld terwijl ik boven bezig was.
Ze had een chagrijnig gezicht, groette niet en begon direct uit te vallen naar haar ouders (van in de 80). Ze deed erg lelijk. Toen ik haar vertelde dat er twee zaken gemeld moesten worden bij de servicedienst, onderbrak ze me en beet me toe : "We weten echt wel wat we moeten doen hoor!" Daarna ging ze verder met nare opmerkingen tegen haar ouders. Ik ben maar vlug weggegaan. Ik werd nog bedankt. Niet door die nare dochter. Ze schreeuwde dus niet eens : "Nou, je wordt bedankt hoor!" Ik weet nu dat het geklaag van die oudjes over haar niet verzonnen is.

Een ochtendje zonder gas

We zijn al de hele ochtend van het gas afgesloten. Dus de verwarming doet het ook niet. Er was een tijd, dat we in dergelijke gevallen lekker de allesbrander even aanstaken. Maar die tijd is voorbij. Het gaat nog even duren voor we weer de cv kunnen laten branden. De temperatuur in de huiskamer is gedaald. Vooral omdat de voordeur wagenwijd openstaat. Ik heb er geen last van want ik ben buiten bezig. De hut voor de motor is zo'n beetje af. Eerlijk gezegd ben ik er niet echt tevreden over. Het geheel ziet er niet echt gelikt uit. Functioneel doet ie wat ie moet doen : de motor tegen hemelwater beschermen. Afgelopen nacht heeft het geregend en onder het opklapbare afdakje is de boel droog gebleven.
Fenna : '...wat heeft ie nu weer gemaakt...?
Inmiddels zijn ruim drie uren voorbij gegaan. Ik heb begrepen dat over een minuut of tien de boel weer aangesloten is. Gelukkig beschikken we over een gaspit, die we op de camping gebruiken. Buiten staat ook nog een bbq met een gaspit. Dus we kunnen nog steeds bakken, koken en braden.
Net na de lunch heeft een van de mannen de gasleiding ontlucht. Het gasfornuis en de cv ketel doen het weer! Mag ik eindelijk de afwas gaan doen. Daarna is Fenna een de beurt. Gaan we samen een eindje fietsen. Nou ja samen, ik fiets en zij rent. Verschil moet er zijn.

Koekje erbij?

Vanmorgen rond 8 uur horen we dat er gegraven wordt. Ze gaan verder waar ze afgelopen vrijdag opgehouden zijn. Met 'ze' bedoel ik de mannen, die hier in de buurt de gasleidingen aan het vervangen zijn.
Niet veel alter gaat de telefoon. De afspraak voor het vervangen van de cv ketel, wat ook voor vandaag gepland staat, gaat niet door. "De monteur is door zijn rug gegaan", luidt de reden. Voor mij reden om op te merken : "Tja, dat risico loop je als je maandelijks zo'n enorm salaris in ontvangst moet nemen." Gelach van de planner aan de andere kant van de lijn.
Men is met drie man bezig en zoals gebruikelijk is het ook bij ons koffietijd. Op de vraag of ze trek hebben in een kopje koffie, wordt met een gretig 'ja!' gereageerd. Bij toeval hoor ik een van hen zeggen : "Ik hoor de Senseo al lopen!" waarmee de gretigheid extra wordt onderstreept.
De koffie wordt net zo heet opgeslurpt als ze is opgediend. Dat gebeurt buiten, want de overalls en schoenen zijn behoorlijk smerig van het graafwerk. "Willen de heren een koekje erbij?", vraag ik tamelijk overbodig. Een van hen pakt er twee. Hij kijkt me verontschuldigend aan en zegt : "Die is voor mijn collega, hoor." Ik ga er maar vanuit dat ze goed met elkaar overweg kunnen. Ik bedoel het zijn nog steeds drie dezelfde mannen, dus er is er niet een in een kuil met zand erover achtergelaten.
De gasmeter blijft gehandhaafd, alleen de leidingen tot aan de meter, inclusief het deel waar de meter op gemonteerd is, worden vervangen.
We zijn benieuwd naar het straatwerk. Op andere plaatsen is dat behoorlijk slordig gedaan. En dat willen we dus niet. Zal misschien wat extra koffie en koek gaan kosten, maar dat moet dan maar.

Een nieuwe Tomos

Mijn een jaar jongere broer Ruud kreeg van pa een Tomos. Geen 2e handsje, maar een gloednieuwe! Tja, dat wekte wat wrevel bij mijn oudere broer en mij. Joop had na de gekregen Sparta zelf een nieuwe Honda (C310) gekocht en ik had een gebruikte Magneet gekregen.
De Tomos was in die tijd een surrogaat Puch. Maar daar zat mijn broer niet mee. De Tomos had immers een frame dat niet krom trok zoals bij (opgevoerde) Puchs.
Op het gele bromfietsplaatje op het voorspatbord, had hij met zwarte letters 'Quasimodo' geschreven. De Tomos had een vrij grote koplamp, vergeleken met de Stokvis Skyrider en bredere spatborden. Eigenlijk was het een wat vreemde combinatie. Mijn broer zat op de LTS en daar bevond zich het Zündapp en Kreidler volk. Ik weet niet in hoeverre hij daar last van heeft gehad. Maar mijn broer deed wel vaker anders dan de rest. De Puchs waren erg populair bij de middelbare scholieren. Met groene parka en zeer lange sjaal, extra hoog stuur, pijploze uitlaatpotjes, voetschakeling en niet te vergeten de kikker-koplamp maakten ze de blits. Totdat de sjaal om het achterwiel sloeg, het te hoge stuur tijdens het remmen knakte of de politie een bon uitschreef vanwege de 'vernielde' uitlaat.
Ruud op de Magneet
Niet veel later zat mijn broer een keer achterop mijn 125 Benelli motorfiets. We reden over de Leidse singels, totdat we in een bocht pardeos rechtdoor reden! Ik kon op tijd remmen en bijsturen, zodat de stoeprand aan de andere kant van het asfalt werd gemist. Mijn broer gaf toe dat ie even bang werd en toen maar de andere kant op was gaan hangen.... We zijn in een sukkel gangetje weer naar huis gereden. Hij heeft daarna nooit meer achterop gezeten.

maandag 3 november 2014

Een doos op straat


Het heeft even geduurd, maar afgelopen zaterdagochtend heb ik toch maar even het stof van de grijper geblazen. Samen met Fenna liep ik al een paar dagen door een stukje straat, waar afval op de grond lag. Volgens mij is het uit een container gevallen toen ie geleegd werd. Omdat het hier relatief schoon is, aanzienlijk schoner dan in Lelystad Haven, valt zwerfvuil extra op.
Ik heb maar een plastic tasje gebruikt om de rommel in te doen. Er lag ook nog een kartonnen doos met wat ander karton erin. Een dag eerder is het oud papier opgehaald. Er zijn helaas mensen die dozen en dergelijke naast de papiercontainer plaatsen. Die worden niet meegenomen door de ophaaldienst. Dat schijnt een regel te zijn. Maar zoals altijd zijn er uitzonderingen op de regel. In onze straat had iemand een zeer grote doos tussen de papiercontainers gezet. Hoewel niet alle containers vol waren, is die doos wel meegenomen door de ophaaldienst. Als het zo uitkomt doe ik dozen (want dat zijn het vaak) alsnog in een container. Een kwestie van even de doos plat stampen en hopla in de bak.
Ik had gehoopt dat de andere, kleinere doos door de eigenaar alsnog in diens container gedaan zou worden. Maar helaas. Daar mag de rest van de straat zich aan ergeren. De containers zijn allemaal weer binnengehaald en de doos ligt op straat. Eerlijk gezegd snap ik niet veel van die mensen.

zondag 2 november 2014

Met een kruiwagen

Medio jaren 70, na mijn vertrek bij Beecham,  kwam ik bij het ASB computercentrum terecht. ASB (Algemeen Schoonmaak Bedrijf) was een uitzendbureau. Het computercentrum was eerst gevestigd in Den Haag op de Laan Copes van Cattenburch. Later verhuisde het naar Zoetermeer, waar een nieuw kantoorpand aan het Bredewater werd betrokken. Het afdelingshoofd was iemand zonder enige automatiseringskennis. Hij werkte eerder bij de kledingzaak HIJ, wat tegenwoordig WE heet. Hij verkocht daar kleding. Daar kwam hij in aanraking met 96-koloms ponskaartjes, die aan de kleding hingen. Dat was het enige wat hij van computers wist. Maar hij had een goede vriend die bij IBM werkte en dus werd hij het computercentrum binnen gereden als nieuw hoofd automatisering. Wat een ellende! De man zelf was best sympathiek, maar zakelijk gezien een onbenul.
Mijn collega's waren in eerste instantie werkvoorbereider Henk van E., computeroperator Theo B. en programmeur Maarten van D. Later kwam daar nog een operator bij, Bert(je) H. In Zoetermeer kregen we nog een paar collega's : Andries C., Rob R. en Pieter.
Na de verhuizing, in Zoetermeer, liep de onvrede op de afdeling vrij snel op vanwege de chaos en het gebrek aan (bege)leiding. Gesprekken ter verbetering van de situatie tussen een aantal collega's en de leiding leverden niets op. Hoewel, meneer vond dat hij de baas was. Als hij zei dat wij de vloer moest aanvegen, dan hadden wij dat maar te doen. Ik wees hem op mijn functiebeschrijving en daagde hem uit mij eens zo'n opdracht te geven. Dat is er nooit van gekomen.
Hij vond zijn functie nogal belangrijk als status. Meneer vond het o.a. belangrijk om een template of computerlijst op de hoedenplank van zijn auto te leggen. "Dan kan iedereen zien dat ik met computers werk", was zijn trotse betoog. Nou, lekker belangrijk. Toch heb ik ook daar weer veel geleerd en leuk samengewerkt met de collega's. In de periode schreef ik mijn eerste datacom-programma. Wat een gekras aan statements zeg! Inmiddels was ik groepsleider geworden. Ik wilde in die tijd een HBO opleiding doen op het gebied van IT. Ik moest daarvoor 1x per week naar school in Den Haag. Ik wilde daar zelf vrije dagen voor opofferen, maar ik kreeg geen toestemming van mijn HIJ-chef.
Later, na mijn vertrek,  kwam ik in 1978 mijn leidinggevende een keer tegen toen ik als projectmanager bij een overheidsinstelling werkte. Daar keek hij erg van op. Vooral omdat het een vrij groot conversieproject betrof, waar hij ook mee aan de slag moest. Hij wilde van mij weten hoe ik het had aangepakt. Ik heb hem een en ander verteld, maar volgens mij was dat wat zinloos. Zijn automatiseringskennis was nog steeds erg beperkt.

Links of rechts lopen?

Waar ik ook ben, ik loop meestal gewoon rechts. Lijkt me het meest duidelijk voor anderen. Ik beschouw mezelf ook in de stad tussen het winkelend publiek en ja, zelfs in warenhuizen, supermarkten enz. gewoon als voetganger. Soms zie ik voetgangers tegen de stroom in lopen. Of beter worstelen. Vaak met geërgerde gezichten. Dan denk ik : "Tja, je kunt ook gewoon rechts lopen."
Toch valt het mij op dat veel voetgangers en sportievelingen die zich vaak hardlopend op fietspaden of zelfs rijbanen voortbewegen, aan de verkeerde kant lopen. Dus rechts in plaats van links.
Er is soms wat discussie over, omdat er ook mensen zijn die vinden dat voetgangers op fietspaden en rijbanen ook rechts moeten lopen. Dat vanuit de gedachte : "Ik schrik me dood als ik opeens een hardloper op me af zie komen!"
Als voetganger zie ik dat anders. Ik voel me veiliger met het idee "beter tien verkeersdeelnemer voor me dan één achter me."  Net als met gekken. Of wel : twee zien meer dan één. Daarom loop ik altijd bij gebrek aan voetpaden links op fietspaden of wegen.

zaterdag 1 november 2014

Werken bij Beecham BV

Met collega Roosje S.
Na mijn vertrek bij de BGC, trad ik in 1972 dienst bij Beecham. Het bedrijf was gevestigd op de Herengracht nr. 567 in Amsterdam in een rustiek grachtenpand. Het bedrijf produceerde en verkocht o.a. Macleans tandpasta, Brylcreem, Daryl (spuitbusje om okselfris te blijven) en andere toiletartikelen. Later kwam er nog UHU lijm bij. Een wat vreemde uil eend in de productenbijt. Men deed ook in medicijnen en make-up artikelen (Lancaster).
Ik begon als assistent computer operator, maar al snel werd ik als Computer Operator verantwoordelijk voor de computerafdeling. Dat kwam doordat mijn leidinggevende, Cees, vertrok. Het bedrijf was inmiddels verhuisd naar Amstelveen, aan de Sportlaan. Het pand waarin het bedrijf was gevestigd is later omgebouwd tot appartementengebouw. In die periode, 1972-1974, werkte ik met een ponskaartensysteem (80-koloms) dat ondersteund werd met apparatuur van IBM. De grote 'computer' -een tabelleersmachine- was een IBM 444. Een grote zware, grijze kast met voorgeprogrammeerde borden met stekkertjes en draden. Er was ook een sorteermachine, een (de-)collater (77) en een reproduceermachine (514). En natuurlijk de nodige ponsmachines (IBM 026 en 029), die bemand waren door 4 ponstypistes.
Het was daar op die afdeling een enorm lawaai. Vooral als alle machines draaiden en de dames luidruchtig spraken om boven het lawaai uit te komen. Orders werden aangevuld met stamkaarten (klantenkaart), die aangevuld werden met een orderkaart, artikel- en kortingskaarten, een btw-kaart en een sluitkaart. Van elke order werd vervolgens met behulp van zo'n kaartenset een factuur en een pakbon geprint.
Later werden de artikelkaarten gebruikt om statistieken te maken; per dag, week, maand, kwartaal enz.
Het gebeurde geregeld dat de directeur even een kijkje kwam nemen, wanneer ik de kwartaaloverzichten aan het draaien was. Dat gebeurde steevast 's avonds vanwege de enorme hoeveelheid ponskaarten. Ik stelde zijn bezoekjes en motiverende gesprekjes erg op prijs. Hij trakteerde ook wanneer targets gehaald werden. Dan kwam het personeel tijdens een koffiepauze bijeen, om van hem de resultaten te vernemen.
Op de vrijdagmiddag trok ik een stofjas aan en begon al die machines schoon te maken. De ponskaarten lieten erg veel stof achter en de mechaniek moest geolied worden!
Ik maakte nog mee dat men eind 1974 van de oude IBM 444 overstapte naar een IBM System 3 met zowaar 12 kb(!) intern geheugen en verwisselbare schijven. De cursussen volgde ik bij IBM Zoetermeer en in de James Wattstraat in Amsterdam. Na drie jaar Beecham besloot ik mijn loopbaan elders voort te zetten. Ik wilde per se meer afwisseling / wisselen, want de techniek begon zich razendsnel te ontwikkelen en de vraag naar deskundigen groeide. Ik stapte in maart 1975 over naar de detachering (softwarebureau).

Emma logeert


Nu nog nagellak en lippenstift!
met duim en wijsvinger
Dit keer bleef Emma twee nachtjes bij oma en opa slapen. Ze is erg gemakkelijk. Ze slaapt als een roosje en vermaakt zich prima. Geen gehuil, alleen maar geluiden die aangeven dat ze het naar de zin heeft.
Elke week is vooruitgang te zien in haar ontwikkeling. We zijn vooral verrast door haar fijne motoriek. Ze kan al heel doelgericht iets kleins tussen haar duimpje en wijsvingertje pakken. Ook het indrukken van een van de vele knopjes op een afstandbediening gaat haar goed af. Het leuke is dat ze dan ook naar het resultaat ervan op de tv kijkt. Maar helaas voor Emma heeft oma haar een oud apparaat gegeven.
Ze kan zich ook zelfstandig voortbewegen. Dat doet ze zittend, waarbij ze zich met een beentje afzet en zo vooruit schuift. Zo deed haar vader dat ooit ook. Als ze in haar loopstoeltje zit, kan ze ook gericht ergens naartoe lopen. Kortom, de kleine lieve Emma ontwikkelt zich erg snel.

Een Jamathi in huis

In 1970 kocht mijn jongste broer een heuse Jamathi bromfiets. Hij was krantensjors en had flink gespaard. Het was er een uit de eerste serie, met een vernikkeld frame (later model verchroomd) en met koningsblauwe polyester tank, kastjes en spatbordjes. In het frame hing helaas geen Jamathi blokje, maar een van Minarelli. Oké, op de carterdekseltjes aan weerszijden stond het Jamathi logo. Het blokje zelf was allls behalve standaard. Het had o.a. een volle krukas en gelagerde zuigerpen. Er zat ook een echte kickstarter op. De constructie van de pedalen was bijzonder. Ze hingen als steps naar beneden, maar konden ook in een fietsstand geplaatst worden. Ze zaten niet in het blok, maar erachter.
De bromfiets was voorzien van louter kwaliteitsonderdelen. Er werd gezegd dat het geheel prima geschikt was voor een upgrade naar een  50 of 80 cc motorfiets.
een 'dikke' Jamathi
Beide trommelremmen waren van Grimeca, de voorvork en achter veerpoten van Marzocchi. De achtervering kon men verstellen. De Jamathi kostte bijna 1.400 gulden en was de duurste bromfiets die op dat moment op de markt was.
Helaas was in die periode sprake van een afnemende belangstelling voor de bromfiets. Zo stierf de Jamathi een stille dood. Helaas heb ik maar één foto van die bromfiets en dan ook nog in zwart-wit. Al met al viel het mij toch ietwat tegen, dat de Jamathi qua looks geen kuiploze racer was. Ik had als eerste het stuur eraf gezaagd en clip-ons gemonteerd. En uiteraard geen buddy maar een zitje.