zaterdag 12 september 2026

Zo ben ik nu eenmaal

Al op jonge leeftijd vond is die uitspraak nogal getuigen van gemakzucht, desinteresse. Ik moet er niet aan denken hoe ik ooit was. Niet dat ik een onfatsoenlijk naar mannetje was, maar ik wilde wel veel leren, me ontwikkelen. Ik was een bijna onbeschreven blad, dat enkel had leren luisteren en doen en beleefd zijn. En geen dingen doen die verboden waren.
Vooral voor wat betreft mijn gedrag en houding moest ik me meer ontwikkelen. Dat zijn aspecten, die ik zelf kon aanpassen. Als ik dat zou willen. En dat wilde ik ook. Zo moest ik leren communiceren, nog geduldiger zijn en nog meer begrip hebben voor het gedrag van anderen. Wat het laatste betreft stoorde ik me vooral aan asociaal gedrag. Dat doe ik nog steeds.
Laatst was ik in een winkel met smalle gangpaden. Toen kwam een medewerkster, een tiener, mij tegemoet. Ik moest wat opzij gaan om haar te kunnen laten passeren. Dat ze me niet groette en/of bedankte vind ik onacceptabel. Dus groette ik haar nadrukkelijk. Ze reageerde wat verlegen. Maar ze groette toen alsnog. Ik dacht : "Hallo, ik ben een klant. Een van de velen die o.a. jouw salaris betalen." Maar goed, het komt heel vaak voor tegenwoordig; onfatsoen.
Ik heb ook geleerd mijn hart minder op de tong te dragen. Ik ben nogal een flapuit en dan interesseert het mij niet wie er tegenover mij staat of zit. Ik doe het nog wel, maar dan hier in dit blog. Ik zie namelijk niemand. 😂
Ik zie het zo, we hebben leren rekenen, schrijven en lezen. Dus waarom ook ook niet leren met elkaar om te gaan? Mijn opvoeding en jeugd was van dien aard, dat ik nog steeds niet een rood verkeerslicht kan negeren. Ook al is er verder niemand in de buurt. Zo ben ik nu eenmaal (gebleven).