donderdag 7 mei 2026

Geld, geld, geld

Toen ik begin jaren 70 in een financiële instelling terechtkwam, leerde ik hoe daar over geld gedacht werd. Dat was bij de BGC, (Sloterkade) waar ik kennismaakte met de dagelijkse werkzaamheden. Ik deed een opleiding tot computerprogrammeur en moest het bedrijf leren kennen. Ik kwam op een paar afdelingen terecht, waaronder die van het verwerken van betalingen van bedrijven. Met name tegen het eind van een maand was het daar hectisch. In die tijd werd nog gewerkt met ponskaarten. Complete decks moesten gecontroleerd worden op de juiste bankrekeningnummers. Dat wil zeggen, dat de kaarten van zo'n deck van soms duizenden kaarten allemaal hetzelfde nummer moesten hebben; die van de 'betaler'. 
In die tijd vernam ik om hoeveel geld het ging als zo'n deck te vroeg of te laat verwerkt zou worden. Het ging over rentebedragen. Ik schrok van die enorme bedragen, vooral omdat het slechts om 1 uur of 1 dag verschil ging.
Later ben ik nog een paar keer bij een bancaire instelling aan het werk geweest. Toen vernam ik nog meer over die wereld. Ik trof daar veel medewerkers aan met het geldteken in de ogen. Als ik een bank of bankier hoor zeggen, dat er meer gespaard moet worden ik altijd zijn handen wil zien. Ik wil dan zien hoe hij zichzelf als een ware Scrooge de handen wrijft. Sparen is vooral goed voor een bank. Niet voor de spaarder.